Volgens verordening (EU) 2024/573, die rechtstreeks van toepassing is in België, moeten de installatie, het onderhoud, de reparatie en de buitengebruikstelling van vaste klimaatregelingsapparatuur en warmtepompen met gefluoreerde broeikasgassen worden uitgevoerd door gecertificeerde natuurlijke personen.
Bron:eur-lex.europa.eu
Ondernemingen (rechtspersonen) die deze vaste apparatuur, waaronder klimaatregelingsapparatuur en warmtepompen, installeren, onderhouden, repareren of buiten dienst stellen, moeten ook gecertificeerd zijn.
Bron:eur-lex.europa.eu
Niet-hermetisch gesloten apparatuur die gevuld is met gefluoreerde broeikasgassen mag enkel aan een eindgebruiker worden verkocht als wordt aangetoond dat de installatie wordt uitgevoerd door een gecertificeerde onderneming.
Bron:eur-lex.europa.eu
Volgens verordening (EU) 2024/573 moet apparatuur die 5 ton CO2-equivalent of meer van de gefluoreerde broeikasgassen van bijlage I bevat, of 1 kg of meer van de gassen van deel 1 van bijlage II, op lekkage worden gecontroleerd. Dat geldt onder meer voor vaste klimaatregelingsapparatuur en warmtepompen.
Bron:eur-lex.europa.eu
Voor apparatuur die minder dan 50 ton CO2-equivalent van de gefluoreerde broeikasgassen van bijlage I bevat, gebeurt de lekcontrole ten minste om de 12 maanden, of ten minste om de 24 maanden als er een lekkagedetectiesysteem is geïnstalleerd.
Bron:eur-lex.europa.eu
Hermetisch gesloten apparatuur die als zodanig is geëtiketteerd en minder dan 10 ton CO2-equivalent van de gefluoreerde broeikasgassen van bijlage I bevat, wordt niet op lekken gecontroleerd.
Bron:eur-lex.europa.eu
Wanneer hermetisch gesloten apparatuur in een residentieel gebouw is geïnstalleerd, wordt ze niet op lekken gecontroleerd als ze minder dan 3 kg gefluoreerde broeikasgassen bevat en als hermetisch gesloten is geëtiketteerd.
Bron:eur-lex.europa.eu
Sinds 1 januari 2025 is het in de EU verboden afzonderlijke splitsystemen die minder dan 3 kg gefluoreerde broeikasgassen van bijlage I bevatten in de handel te brengen als die gassen een GWP van 750 of meer hebben.
Bron:eur-lex.europa.eu
Vanaf 1 januari 2029 is het in de handel brengen van lucht-lucht-splitsystemen met een nominaal vermogen tot en met 12 kW die gefluoreerde broeikasgassen met een GWP van 150 of meer bevatten verboden, behalve indien dat nodig is om aan veiligheidseisen op het bedrijfsterrein te voldoen.
Bron:eur-lex.europa.eu
Vanaf 1 januari 2035 is het in de handel brengen van splitsystemen met een nominaal vermogen tot en met 12 kW die gefluoreerde broeikasgassen bevatten verboden, behalve indien dat nodig is om aan veiligheidseisen op het bedrijfsterrein te voldoen.
Bron:eur-lex.europa.eu
Vanaf 1 januari 2027 is het in de handel brengen van klimaatregelingsapparatuur met stekkeraansluiting, monoblokklimaatregelingsapparatuur, andere autonoom opererende klimaatregelingsapparatuur en autonoom opererende warmtepompen met een nominale capaciteit van maximaal 12 kW die gefluoreerde broeikasgassen met een GWP van 150 of meer bevatten verboden, behalve indien dat nodig is om aan veiligheidseisen te voldoen. In dat geval is de GWP-grens 750.
Bron:eur-lex.europa.eu
In afwijking daarvan blijft het in de handel brengen van onderdelen die nodig zijn voor de reparatie en het onderhoud van bestaande apparatuur van bijlage IV toegestaan, als de reparatie de capaciteit en de hoeveelheid gefluoreerd gas niet verhoogt en niet leidt tot een gas met een hogere GWP.
Bron:eur-lex.europa.eu
In België worden in een gebouw in mede-eigendom, bij ontstentenis van of tegenstrijdigheid tussen de titels, de gedeelten van gebouwen of gronden die bestemd zijn voor het gebruik van alle mede-eigenaars of van enkelen onder hen, geacht gemeenschappelijk te zijn.
Bron:ejustice.just.fgov.be
De lasten van de mede-eigendom, met name de kosten van onderhoud, herstelling en vernieuwing, worden omgeslagen naar evenredigheid van de respectieve waarde van elk privatief goed, tenzij de partijen beslissen ze om te slaan naar evenredigheid van het nut voor elk privatief goed.
Bron:ejustice.just.fgov.be
In België beslist de algemene vergadering van een mede-eigendom bij meerderheid van twee derde van de stemmen over alle werken betreffende de gemeenschappelijke gedeelten. Over wettelijk opgelegde werken en werken tot behoud van het goed en daden van voorlopig beheer kan worden beslist bij volstrekte meerderheid van de stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde mede-eigenaars.
Bron:ejustice.just.fgov.be